Sellraintal

In de hut hebben ze toch even aan mij gedacht 😉

Moeten afhaken voor een stageweek die ik zelf organiseer was pijnlijk. Achteraf het verslag lezen van Jan deed nog meer pijn (omdat ik er niet bij was). Maar de corona-crisis leert ons nu dat er veel, veel belangrijkere zaken zijn in het leven dan het missen van een toerskitrip. Hieronder vinden jullie een “ingekorte versie” van het verhaal van Jan (waarvoor dank !).

Wat voorafging…

Oktober 2019: De hoogtoerenstage wordt aangekondigd, en is in een mum van tijd volzet! Chris, Dominique, Filip, Gerry, Jan, Jitse, Manuela en Wim zijn de gelukkigen.

Begin januari: Peter organiseert de gebruikelijke stage-bijeenkomst om met elkaar kennis te maken, en de nodige praktische afspraken te maken. De stage zal geleid worden door Peter en Helmut (“Heli” voor de vrienden), onze Oostenrijkse gids. Samen met de 8 deelnemers maakt dit een groep van 10 man (9 mannen en een vrouw).

Eind januari: Onheilspellend bericht: Peter heeft een blessure (ingescheurde knieband) opgelopen bij het toeren en het is onzeker of hij de stage zal kunnen begeleiden…

6 februari:  Gerry breekt z’n kuitbeen bij een ski-ongeval op de piste. Hij zal niet kunnen meegaan… (10 kleine toerskiërs,… toen waren er nog 9)

13 februari: Het verdict valt: Peter kan niet mee naar het Sellraintal… (10 kleine toerskiërs,… toen waren er nog 8)

Peter zoekt naarstig naar een gepaste vervanger om de stage te begeleiden, maar vindt die niet. Heli, de Oostenrijkse gids, neemt zonder Peter echter maar 6 personen mee op tocht…Manuela offert zich op en laat haar deelname aan de stage vallen. (10 kleine toerskiërs…, toen waren er nog 7)

15 februari:  De Schweinfürterhütte annuleert onze reservatie: de Wirt is namelijk ernstig ziek en de hut zal slechts op onregelmatige tijdstippen open zijn. Peter en Helmut passen onze tocht aan en voorzien 2 nachten in de Winnenbachseehütte. We zullen geen gesloten lus maken en met een taxi moeten terugkeren naar het vertrekpunt.

2 maart: Jitse kan niet mee op stage en haakt af. (10 kleine toerskiërs…, toen waren er nog 6)

6 maart: Nu wordt het spannend. Weldra vertrekken we richting Sellraintal. Zal er nog iemand afvallen?

Selltaintal…

Vertrek

De “volledige” deelnemersgroep (den overschot; alle 5 dus) arriveert met wat vertraging in Ötz: de gebruikelijke file op de Fernpass was die dag net iets groter door een ongeval: we stonden er een dik uur stil.

Bagage afzetten in ‘Haus Gertraud’, onze B&B voor de eerste nacht, wat opfrissen en meteen op zoek naar avondeten. De eerste pinten en Weizen worden besteld en er wordt uitvoerig kennis gemaakt. Blijkt dat ik onderweg ben met Wim en Filip (2 ietwat vergeetachtige jeugdvrienden die sporten tot het hun oren uitkomt), Chris (die al eens graag in ijskoud water baadt) en Dominique (die naast z’n inzet voor BPA ook nog tijd vindt om het weer en de sterrenhemel te bestuderen). Ik hou me ‘low profile’. Ik had over die strategie iets opgevangen tijdens de bijeenkomt begin januari…

Er wordt nog gezeverd, gelachen en gedronken. Dit ziet er niet slecht uit. Als de sfeer zo blijft wordt het een plezante week. Bovendien blijkt dat we allen ongeveer dezelfde leeftijd hebben, een fijn detail.

Toch nog een serieus moment om de avond af te sluiten: wat doen we zondag? Het weer belooft mooi te worden, en het lawinegevaar wordt ingeschaald op Stufe 1 à 2, afhankelijk van de hoogte. Uit de tochtsuggesties die Peter gedaan heeft kiezen we de tocht naar de Wetterkreuzkogel.

Heli’s rugzak…

Dinsdag 10 maart:   Haggen (1650) – Neue Pforzheimer (2308)

“Om 8u komt Heli jullie oppikken aan de Dortmunderhütte” stond er in Peters mail. We zitten nog aan het ontbijt wanneer Heli rond 7u30 de hut binnenkomt. Na een korte kennismaking vraagt Heli ons om ons te haasten. We kunnen niet veel tijd verliezen. Er is slecht weer (en sneeuw) op komst, en hij wil voor de middag over de Scharte na Kraspesferner zijn, voor de zichtbaarheid te slecht wordt. Bovendien is het eerste stuk van de afdaling behoorlijk steil: ca 33°, en zal het lawinegevaar door de verse sneeuw in de loop van de dag toenemen naar niveau 3.

Laatste stuks inpakken en wegwezen: met de auto richting Haggen. Op de parkeerplaats nog een kleine materiaalcheck, LVS-check, …und jetzt geht’s los! Eerst over licht glooiend terrein, en dan plots een eerste ‘Steilstufe’. Korte pauze want het weer ziet er niet goed uit. De wind neemt toe en de het begint te sneeuwen. Heli geeft een strak tempo aan. De groep rekt uit en breekt in 2 stukken. Chris en ik lopen laatst. We raken verder achterop, en de sneeuw en wind zorgen ervoor dat Heli’s spoor weer grotendeels dicht waait. We moeten na-sporen. Na de volgende Steilstufe wacht de groep op ons. ‘Jetzt bleiben wir zusammen’ zegt Heli en laat het tempo wat zakken. Na ongeveer 4u30 bereiken we de Scharte.

Het waait inmiddels stormachtig en sneeuwt behoorlijk hard, en de zichtbaarheid is beperkt. Geen sprake meer van de top (Zwiselbacher Rosskogl) te doen. Snel klaar maken om af te skiën.

Heli vraagt ons te wachten en skiet enkele meters vooruit. Plots geeft hij aan dat we mogen volgen. Later vertelt hij dat hij een Triebschneesammlung is gaan aftrappen. #vakkennis

Behoedzaam dalen we af naar de hut. Naast de sneeuw zitten we nu ook in de mist. Enkele keren checken we de GPS, en plots duikt de hut voor ons op.

Ski’s af, botten opruimen, rugzak naar de kamer en…tijd voor “Heisse Chocolade und Kuchen”. Heli haalt de kaart al boven. De weersverwachting voor morgen is niet goed: ’s morgens nog bewolkt en tegen de middag zon en hogere temperaturen… Morgen wacht ons de oversteek naar het Westfalenhaus, en daarvoor moeten we de Zischgenscharte over. De afdaling ervan is steil, en ligt waarschijnlijk niet goed genoeg om te skiën (te ijzig en/of te weinig sneeuw). Heli moet ons dan ons aan het touw laten zakken of laten abseilen.

Maar het gevaar komt van elders: de naburige steile zuidelijk gerichte flanken zullen nu flink wat sneeuw gevangen hebben, en die zal er morgennamiddag door de zon en de opwarming spontaan uitkomen. Ongeveer in de periode wanneer wij daar zullen passeren… Heli kijkt bezorgd, en gromt: “Nicht gut, Jungs”. #vakkennis

Heli zoekt een uitweg. Een alternatief is afdalen naar St.Sigmund, stukje met een taxi naar Praxmar of Lisens, en weer omhoog naar Westfalenhaus. Weinig attractief, maar als het moet, moet het…

Tijd voor een dutje, “ein Vohrschläfchen” zoals Heli het noemt. “Wir sehen uns um 17u30”, en weg is Heli.

Wanneer hij terugkomt heeft hij weer de kaart in de hand. De alternatieve route heeft enkele gevaarlijke passages. Heli toont ons de “Hangneigungskarte” op z’n telefoon: zowel bij de afdaling naar St.Sigmund, als de klim naar het Westfalenhaus passeren we aan de voet van enkele steile hellingen…en deze zijn zuidelijk gericht…en de dalbodem is net daar relatief smal… “Da mussen wir Einzelnfahren…” zegt onze gids.

Of toch niet, meteen stelt Heli plan C voor: we blijven in de Neue Pforzheimerhütte, en doen er een tocht in de nabijheid van de hut. Zoals het weerbericht eruit ziet, zal het overmorgen mooi en gunstig weer zijn om de oversteek naar Westfalenhaus te maken. Bovendien kunnen we schuiven met ons programma: we hebben namelijk 2 overnachtingen moeten voorzien in de Winnebachseehütte door de annulatie van de Schweinfürterhütte. De groep gaat meteen akkoord. Enkel nog checken of dit voor alle hutten kan. Heli neemt contact met de hutten en…”alles klappt!”: geen probleem om de overnachtingen te verschuiven. #flexibiliteit

Heli gooit de kaart en een bladje papier op tafel. “So Jungs, dann können sie jetzt selber den Tour vorbereiten…”. We kijken elkaar aan, en staren naar de kaart. Heli spingt bij: we kiezen een top, de Schartlkopf (2831), als doel voor de volgende dag. Heli toont het gebruik van de “Planzeiger” nog eens, en helpt ons dan de voorbereiding te doen: referentiepunten kiezen, hellingsgraad controleren, richtingen bepalen, tijdsbestek uitrekenen…

Woensdag 11 maart: Schartlkopf : Schulungstag

Omstreeks 8u staan we vertrekkensklaar voor de hut. Nog steeds veel wind en (hoge) wolken. Vandaag een uitgebreide LVS-check: om beurten de resterende batterijcapaciteit zeggen, dan controle of onze toestellen Heli’s LVS ontvangen, en ten slotte weer de ‘kleine’ LVS-check (controle of onze LVS zenden).

De kaart en enkele kompassen worden bovengehaald. We peilen, en doemme.., we kunnen ons eerste referentiepunt niet zien… Dan maar een parallel traject: 200m stappen in de richting loodrecht op de gepeilde richting, dan de gekozen richting uit, en 200m terug. We stoppen regelmatig om de kaart te checken, de richting te controleren en onze referentiepunten te zoeken. Telkens overleggen we hoe we het volgende stukje spoor zullen aanleggen. We trachten beurt om beurt te sporen, maar Wim en Filip slagen er toch in het merendeel van het spoorwerk te doen. (Wat jammer voor de rest…)

Onderweg wijst Heli ons regelmatig op tekenen van de windinvloed op de sneeuw: duinen, Gangeln en Triebschneesammlungen. Na een kleine 3 uur staan we op de Schartlkopf (2831), ons doel van de dag. Het waait nog steeds vrij stevig, maar de wolken zijn weg: volle zon! Heli is zo content dat hij ons trakteert op…een kopstand op een richeltje nabij het Gipfelkreuz, terwijl de wind onverminderd stevig waait!

OK, genoeg zottigheid: terug naar beneden. Heli geeft de hoofdrichting aan, maar het traject bepalen we zelf. We spreken af tot waar we skiën en waar we weer samenkomen.

We dalen een 200-tal meter tot aan de rand van een plateautje. Tijd om iets te eten, en een lesmoment: sneeuwprofiel, bloktest (of CT: Column Test) en uitgebreide bloktest (of ECT: Extended Column Test).

We graven over een 3-tal meter de sneeuw weg tot op de bodem. Heli schraapt de rand mooi recht af met z’n schop en toont ons vervolgens de verschillende lagen. Op een dikke meter onder het oppervlak (dieper als verwacht) vinden we de “Altschneedecke”, en een laag met kantige kristallen.

Vervolgens tovert Heli een zaagblad uit de steel van z’n sneeuwschop en maakt 2 zaagsneden in de sneeuwwand, op een schopbreedte uit elkaar. We schoppen de aangrenzende sneeuw voorzichtig weg zodat er een zuil (kolom) ontstaat. Nadat de achterkant los gezaagd is van het sneeuwdek (de zuil staat nu langs alle kanten vrij) doet Heli de bloktest: schop op de zuil leggen en vervolgens met de hand op de schop kloppen: 10x vanuit de pols, 10x vanuit de elleboog en 10x vanuit de schouder. Terwijl we dit doen houden we de zuil nauwlettend in de gaten en zien barsten in de zijkant ontstaan. De zuil doorstaat de test en schuift niet af. Weer beter dan verwacht.

De uitgebreidere bloktest is gelijkaardig aan de bloktest, met het verschil dat we nu een zuil vrijmaken die 3 schopbreedtes lang is i.p.v. 1. De test verloopt op dezelfde manier, en het doel is nu te checken hoe een barst of breuk zicht voortplant in het sneeuwdek. We zien in dezelfde lagen als bij de kleine bloktest barsten optreden, maar ze lopen niet veel verder dan 1 schopbreedte door. Ook gunstig dus.

Ondertussen is de wind wat gaan liggen, de wolken zijn weg, de zon heeft vrij spel en wij zien een mooie helling… “Zwischenabfahrt?” vraagt Heli. Natuurlijk! Vellen op en ju… omhoog naar de Scharte, een 150-tal meter hoger.

Wanneer ik op de Scharte kom hoor ik Wim achter me zeggen dat hij een ‘Wumm’ gehoord heeft. Ik heb niets gehoord. Ik heb zonet wel een lichte trilling in het sneeuwdek gevoeld. Heli staat wat verder op de Scharte en kijkt er over de rand. “Kijk” zegt hij, “er is net een lawine afgegaan, waarschijnlijk hebben we net een Fernauslösung veroorzaakt”.

We klauteren nog even naar de (naamloze) top, en dalen weer af naar de Scharte. Ski’s aan en klaar om af te skiën. We zien een 30-tal meter verder een pracht van een “Wächte”. Heli checkt de helling en stapt erop af, en trapt de blok sneeuw van enkele kubieke meter af. “Voilà, daar wil je niet onderliggen” zegt hij wanneer hij terug bij de groep is. #vakkennis

We skiën af tot bijna aan de hut. Op een rug houden we halt. Schoppen en sondes nemen zegt Heli. Er ligt op die plaats ongeveer 1,2m sneeuw. Heli plant een sonde, en plaatst de 6 schoppen in de sneeuw, 3 rijen van 2, grofweg in een V-vorm. We moeten “iemand uitgraven”. We moeten graven tot de bodem.

Heli vraagt een schatting van de tijd die we zullen nodig hebben. Dominique gokt op 5 minuten; ik op 7 minuten. We stellen ons op. De chrono wordt gestart. We graven, en wisselen af zodat iedereen beurtelings in de 1° linie (die het zwaarste werk doet) komt. Wim staat achter mij en vloekt. Blijkbaar gooi ik voortdurend sneeuw op/over hem. Sorry, geen tijd voor… de sneeuw moet weg en het “slachtoffer” moet vrij gegraven worden… Na 2 min 40 hebben we de bodem bereikt en valt de sonde, het “slachtoffer” is vrij!

Terwijl we uithijgen begint Heli een sneeuwhol te graven in de put die we zojuist gegraven hebben. Alle LVS worden uitgeschakeld. Om beurten zetten we onze LVS op zenden en kruipen we als “slachtoffer” in het sneeuwhol, terwijl een ander z’n LVS op ontvangen zet en het “slachtoffer” komt zoeken, en sondeert. Hiermee leren we hoe het aanvoelt wanneer je een mensenlichaam raakt met je sonde.

Na de oefening gaan de LVS weer op zenden, ski’s aan en naar de hut. Na een kort verblijf in een iglo (en bijbehorende uitleg door Heli) die door vorige bezoekers nabij de hut gebouwd is nemen we plaats op het terras. In de volle zon. Vandaan kiezen we voor “Hopfentee” in plaats van Heisse Chocolade. Ook de Kuchen laten we achterwege.

Lawinelagebericht en de weersverwachting zien er goed uit voor de oversteek naar het Westfalenhaus, we willen enkel wat vroeger vertrekken. De Huttenwirt werkt tegen: vroeger ontbijten kan niet. Ook een “Thermofrühstück” (een ontbijt dat reeds de avond voordien klaargezet wordt, inclusief thee/koffie in thermossen) kan niet. We besluiten dan maar vertrekkensklaar en snel te ontbijten.

Donderdag 12 maart: Neue Pfh. (2308) – Westfalenhaus (2273)

Omstreeks 7u45 gaan we van start. Eerst een weinig afskiën en dan een lange, meestal niet al te steile klim naar de Zischgenscharte (2930m). Onderweg enkele keren onze Harscheisen moeten gebruiken, en het laatste stuk naar de Scharte doen we op stijgijzers, ski’s op de rugzak. Rugzak en ski’s blijven achter op de Scharte.

Onder een stralende zon klimmen we te voet verder gaan naar de Schöntalspitze (3008m). Prachtig uitzicht! Na een lange toppauze dalen we weer af naar de Scharte. Heli bestudeert de afdaling, en de naburige flanken. Hij ‘leest’ als het ware de bergen zoals… een fotograaf vakkundig de Playboy ‘leest’ denk ik: enkel naar prentjes kijken, altijd het totale plaatje bekijken en toch alle details gezien hebben. Hmm, we wachten nog een kwartier zegt hij, de sneeuw zal dan beter zijn. #vakkennis

We kunnen toch afskiën, hoeven dus niet te rappellen. We skiën één voor één het eerste stuk van de steile helling (ca35°) af en houden links, weg van de flanken waar spontane lawines kunnen uitkomen. Nadien wordt het breder, en later nog wat minder steil. Tijdens de afdaling kunnen we al een stuk van onze route voor morgen zien. De afdaling verloop verder vlot, Wim maakt nog een salto nabij Hohe Gruben (helaas niet gefilmd) en ik ga vlak voor de hut tegen de vlakte. Damn, da’s slecht voor m’n pijnlijke knie.

We installeren ons ook hier op het terras, de thermometer tegen de muur geeft 28°C (!) aan in de volle zon. We bestellen een ‘Hopfentee’…of twee. En twee bordjes Kaiserschmarrn voor de groep. Ondertussen geeft ik m’n pijnlijke knie een ijsbad. Ik zal toch niet de volgende afvallige neger worden zeker?

Na het avondeten toont Heli de route voor de volgende dag, en stelt voor dat wij weer de tochtvoorbereiding doen. Referentiepunten zoeken, richtingen bepalen, tijdsbestek uitrekenen. We rekenen voor het stijgen met 400hm/u stijgen en 4km/u horizontale verplaatsing, voor het afskiën rekenen we met 600hm/u dalen en 6km/u horizontale verplaatsing. We komen uit op 1,5 uur tot het Joch, en nog eens 1,5u tot de top. Dan zullen we afskiën tot een hoogte van 2660m en er een “Zwischenabfahrt”, bij doen. Hiervoor voorzien we 1u (afdalen), 1u15 (tot de top) en 45min (afdalen naar de hut). Een slordige 6u dus zonder pauzes.

De lawinesituatie ziet er wel OK uit; het weer is minder: ’s morgens (lage) bewolking, dus slechte zichtbaarheid in de voormiddag. Heli kondigt aan dat we daarom “laat” zullen vertrekken, zodat we tegen de middag op de top zijn. #timing

Vrijdag 13 maart: Westfalenhaus (2273) – Winnebachsee (2362)

Bij het ontbijt, mist, quasi geen zicht en 5cm verse sneeuw aan de hut. We zullen pas vertrekken om 9u… Heli verwacht dat het zicht tegen dan wat beter zal zijn. Iedereen staat al ongeduldig in de sneeuw te trappelen wanneer Heli naar buiten komt. Inderdaad, sinds een half uurtje is het zicht verbeterd. #vakkennis

Kompas wordt bovengehaald, richting bepalen en weg. Filip neemt weer de kop. Ondanks het beperkte zicht verloopt de tocht vlot, tot net onder het Winnebachjoch (2788). Een Steilstufe, met veel losse sneeuw. Wim spoort. Voorzichtig stappen om het spoor niet af te trappen…, Spitzenkehren à volonté.., de helling wordt steiler, en de sneeuw dieper.

Iedereen is al boven en ik sta nog te knoeien net na de voorlaatste Spitzenkehre. Ik geraak er maar niet door. Elk spoor dat ik probeer schuift af. Heli geeft me tips vanop het Joch. Ik probeer een vlakker spoor te maken. Ineens hoor ik achter me “Gehb mir dein Rücksack”. Heli is afgedaald en neemt m’n rugzak over. Voorzichtig volg ik z’n spoor. Jetzt geht’s gut. Buiten adem kom ik enkele minuten later op het Joch. Pauze! De anderen beginnen al kou te krijgen. Snel eten en drinken zodat we verder kunnen. Ik schrok een stuk energiereep naar binnen. “Jan…piano, piano!” Heli gebied me m’n tijd te nemen.

Verder naar de top. Het laatste stuk ziet er wel pittig uit. Andere groepen stoppen op de Weisskogelferner, een 80-tal meter onder de Gipfel. Wij niet. Wij gaan door. Het laatste stuk zullen we op stijgijzers doen. Skidepot op 30m onder de top. Heli begint alvast een spoor te maken. Na een 10-tal meter vraagt hij een schop, en begint te graven (?)…en graaft een gang van 1m70 diep door het sneeuwdek. We helpen de losgeschepte sneeuw uit de gang te gooien. Na een dik half uur staan we op Winnebacher Weisskogel (3180). Het is 13u30. We hebben er 4u30 over gedaan in plaats van de voorziene 3 uur

Het blijft bewolkt. We nemen topfoto’s, genieten van een optreden van een gitaarband (sorry, dit is eentje voor de insiders), en terug naar het skidepot. We skiën af naar de plaats waar we onze “Zwischenabfahrt” zullen aanvatten. “Dies werden wir heute nicht mehr machen, Jungs” zegt Heli. “Zu spät…” Voorzichtig dringen we nog zachtjes wat aan, maar het blijft “njet”. Indien we dit nu nog doen zijn we niet voor 17u in de hut. “Der Tour ist das Ziel, die Scharte und Gipfel sind Bonus”. Heli wrijft ons nog snel een toerski-wijsheid onder de neus voor we verder afskiën. #flexibiliteit

Een kleine 100hm lager is het uit met de pret en worden we getrakteerd op…Bruchharsch…van de beste/gemeenste soort, het is maar hoe je het bekijkt. Onmogelijk te skiën. Vallen, bijna vallen, blijven steken,… noem maar op; iedereen krijgt z’n deel. Dit “feestje” duurt tot aan de hut…

Tijd voor een bord soep, en een nabeschouwing: “Dat we ruim buiten tijd gegaan zijn”. Heli wijst er ons op dat we enkele steile hellingen mee in rekening hadden moeten brengen. Dat er zoveel losse sneeuw zou liggen konden we natuurlijk niet weten. Ook niet dat het soms zo moeilijk sporen zou zijn.

Onvermijdelijk spreken we over het laatste stukje naar de top. Heli legt uit wat hij eigenlijk gedaan heeft: hij stelde vast dat er een stabiele “Altschneedecke” was, en heeft dan maar alle lossere sneeuw erboven weggeschept zodat we veilig naar boven konden. Dat die “Altschneedecke” 1m70 onder het oppervlak zat, is voor hem schijnbaar een detail#vakkennis

Grr, morgen laatste dag. En ze voorspellen slecht weer. Heli kijkt naar buiten. Momenteel is het schitterend weer. Kan niet dat het morgen slecht weer is” zegt hij, en vertrekt voor z’n “Vohrschlâfchen”.

Bij het avondeten worden de opties besproken. Bij slecht weer of slecht zicht wordt er onmiddellijk naar het dal afgedaald. In alle andere gevallen gaan we over de Bachfallenferner naar de Geisslehnscharte (3052). Indien het weer of het zicht onderweg te slecht wordt keren we om, en skiën af naar het dal.

Zaterdag 14 maart: Winnebachsee (2362) – Gries (1600)

Heli had gelijk. Geen slecht weer. (of nog niet?). “Bij twijfel over het weer: vertrekken! Terugkeren kan altijd”. Vlam, weer een toerski-wijsheid van Heli. Op onze nuchtere maag deze keer. #vakkennis

Op weg naar de Bachfallenferner. Strak tempo. De hemel klaart op. Zonder problemen bereiken we de Geisslehnscharte (3052). Hier is al lang niemand meer geweest. Er ligt maar 1 spoor naar de Scharte: ons stijgspoor! We genieten van het zicht over het Ötztal, en maken ons klaar om elk ons eigen daalspoor te trekken op deze ‘maagdelijke’ helling.

Het ski-plezier aan het begin van de afdaling wordt lager weer wat vergald door…Bruschharsch in de omgeving van de hut. Onder de hut wordt het sneeuwdek ijziger, dan dunner, om tenslotte te verdwijnen. De laatste minuten van onze tocht verlopen te voet. Of toch niet? Heli ziet nog een besneeuwd skipistje. Snel een “dreckige” almweide door, en nog enkele honderden meters skiën, en het is gedaan…

Wanneer Heli z’n ski’s losmaakt, stopt de taxi naast hem. #timing

10 kleine toerskiërs…, toen waren er nog altijd 6!

Terug naar Kühtai, auto’s oppikken en naar de Dortmunderhütte, waar we met Heli een laatste middagmaal nuttigen. Wij pasta, Heli een Kuchen (of wat had je gedacht).

“Wir verabschieden uns.” Heli vertrekt. Terwijl wij onze pasta’s verder opeten worden er plannen gemaakt voor volgend jaar, en al eens naar huis gebeld.

De voorbije dagen hadden we zeer weinig bereik. We weten niet veel omtrent de Coronacrisis. Dat de Oostenrijkse ski-oorden en de berghutten dicht gaan hadden we gisteren vernomen van de Huttenwirt. Dat de scholen in België dicht gaan was doorgesijpeld,.. maar nieuw is wel dat de politie moest tussenbeide komen omdat er in de supermarkt gevochten wordt voor…WC-papier(!).

Berichtje naar huis: “Hoe zit dat daar? Moet ik eten van hier meebrengen?”. Laconiek antwoord: “Kaiserschmarren en chocolade is OK”. En zo geschiede, wij nog snel naar de M-Preis.

Onderweg wordt het duidelijk dat het Coronavirus aan z’n opmars bezig is: weinig verkeer onderweg, geen volk op de Fernpass, waarschuwingsborden langs de autosnelweg in Duitsland en praktisch geen volk in de Raststätte. Omstreeks 22u30 zet Dominique me in Zonhoven af. Voilà, ’t is gepasseerd… De vakantie is gedaan… Het verslag ook.

Aan Heli: Danke vielmahls. Het was een leerrijke stage.

Aan allen die er bij waren: Geweldig bedankt, het was een plezante week; en zoals afgesproken…

Aan Peter: Zeker opnieuw doen deze stage, je hebt ze nu toch al voorbereid.

Aan allen die moesten afhaken: doemme toch (en de rest heb je net gelezen).

Nogmaals aan Peter: Ook nog Danke vielmahls, voor het gedoe, de rompslomp, het omboeken… Je verdient een sneeuwman; standbeelden zijn passé! (Desnoods eentje van “papier-maché” als er toevallig nog iemand een rolleke WC-papier op reserve heeft…)

Der JaN, uw verslaggever ter plaatse.